Stromeren

Stromeren is het het nieuwe werkwoord, wat vroeger fietsen heette. Stromeren (spreek meren hetzelfde uit als bij aanmeren) doe je op een Hulkiaanse bike van het merk Stromer, alwaar ik nog geen toepasselijke naam voor heb verzonnen. De namen Beest, Hulluk of Beast komen in de buurt van hoe ik deze bike wil gaan noemen. (Suggesties welkom?) Wat een geweldenaar is deze machine en wat erop zit is natuurlijk ook helemaal niet verkeerd! Want ik trapte zo stevig door dat ik mijzelf hoorde hijgen.

Vandaag mijn eerste tocht gestromeerd. Ik voelde al snel mijn slechte benen en dat bleef de hele rit zo. Vaak afgestapt voor een andere afstelling aan de fiets of een foto maken en natuurlijk wat eten en drinken.

Het leukste was de Amerongse berg die ik nu met een snelheid van 45 km/uur opstoof en waar ik vroeger met mijn racefiets nog weleens tegenop liep. Na Barneveld kreeg ik tegenwind maar ook dat is geen probleem voor de Stromer en zijn berijder. Ik zag de teller af en toe op 40 km/uur staan. Wat is dit toch heerlijk genietend fietsen….ehh stromeren!

Advertenties

Gele trui?

Ik droomde vannacht dat ik de tour de France had gewonnen op mijn nieuwe Stromer fiets. Ik was zo ontzettend blij toen ik in de gele trui op de Champs Elysée gehuldigd werd. Thuis gekomen hing ik de gele trui achteloos aan de kapstok. Toen ik vanmorgen beneden kwam was hij plotseling veranderd in een geel hesje. 🤔

Schop

Dat de Hulk iemand van extremen is, weten vele mensen allang. Een mooi voorbeeld daarvan was bijvoorbeeld dat de kapitein van de boot waarop wij vaarden, zich enorm verbaasde over de stijgende waterstand in de Rijn. Hij wist namelijk niet dat hij een Hulk aan boord had, die van ouderdom ’s nachts zo erg kwijlde, dat hij er persoonlijk voor zorgde dat de waterstand in de Rijn in een paar dagen tijd 2,5 meter steeg.

Nog zo’n raar voorbeeld is, dat hij na 3 jaar kennis gehad heeft aan Treeske, hij haar een schop heeft gegeven. Ja, ik begrijp dat zoiets voor velen van u echt een schok is. En eerlijk, zo voelde dat voor mij ook. Die lieve meid verdient zoiets echt niet. Maar soms gaat dat zo in het leven.

Hoe kon dat toch gebeuren? Wij kwamen een winkel uit en deden de boodschappen in onze fietstassen. Ik liep voorop met mijn fiets naar de weg en slingerde mijn lange Hulkenpoot over mijn bagagedrager om op te stappen en voelde plots een zachte weerstand. Zodoende brak ik deze beweging abrupt af en keerde mij om. Treeske was namelijk vlak achter mij gaan staan om ook op haar fiets te stappen en daardoor slingerde ik mijn voet tegen haar achterwerk.

Nou, de eerste 5 minuten konden wij echt geen nieuwe poging wagen om op onze fietsen te stappen, vanwege de enorme lachbui die ons overviel. Dit gebeuren was zo uniek! Zoiets kun je in extremis oefenen, het zal je gewoonweg niet lukken. Beide geliefden reden daarna nog steeds nahikkend naar huis terug.

Ik ben….

Ik ben …. HEMA fan, roept een medeblogster altijd uit vanaf de kerktoren. Zo togen Treeske en ik richting de plaatselijke HEMA op ontdekkingsreis om daar eventueel ook fan van te worden.

Allereerst maar eens ….

En daarna kwamen we thuis met twee kerstbroden voor 1 euro en een rookworst zonder r is ookworst voor €2,25 Die prijzen zijn niet erg overeenkomstig met elkaar maar een kniesoor die daar op let. Aangenaam kennis te maken, kniesoor Hulk.

Dat wordt smullen tot eind januari!

Zoek de verschillen?

Wij zijn weer veilig thuis gekomen na een heerlijke verwenreis op een bootje langs de Rijn, Rijn, Rijn. Mijn vader riep altijd iets van Oost West…. en ik begin hem een beetje te begrijpen. Vanmorgen weer eens gedoucht zonder Rijnwater, waardoor ik mij eindelijk weer schoon voel. En de heerlijke rust hier in Zeist doet zijn wonderbaarlijke werken in mij.

Dit was voor mij een bijzonder leerzame reis. Gelijktijdig met de vele genietmomenten heb ik bijvoorbeeld geleerd dat ik nooit in een bejaardenhuis wil. Ik ga u niet vermoeien met alle menselijke kwalen die ik op de 7 daagse reis heb bijgeleerd, daar kun je namelijk een Rijn mee vullen. Van de kapitein hoorden we hoeveel brandstof het schip had verbruikt op deze reis. Ik kon hem daarmee overtroeven met de hoeveelheid voedsel die ik had verstookt. De rake opmerking van een medepassagier was, “je bent hier alleen maar aan het eten”, liet ik ook niet ongebruikt. Het was er namelijk één groot luilekkerland met sublieme topverzorging. En toen ik vanmorgen op de weegschaal sprong, schrok ik geweldig. Een hele kilo afgevallen! Wat een vreugde!

Het schip hing vol met spiegels. Uit elke hoek werd je bekeken. Toen ik eens van het openbare toilet gebruik maakte schrok ik heel erg, toen ik in die krappe ruimte iemand uit mijn ooghoeken ontwaarde, gelukkig was het een bekende van mij. De toiletten waren ervan het type die je ook in een vliegtuig hebt. Maar in de goed geïsoleerde cabins bleef het verwachtte bombardement van afzuiggeluiden heel beperkt. Alleen wist ik precies hoeveel boodschappen Treeske per nacht deed, want dan zat ik steeds rechtop in bed van schrik.

Het aanmeren van het schip was vaak een klucht om te zien met de als apen rondspringende en klimmende matrozen, die luidkeels aangemoedigd werden door de beste stuurlui, welke dit keer op het schip stonden. De dunne touwen die de matrozen via de loopplank aan wal brachten raakten constant verstrikt in hekwerken, bomen en struiken. Er was er zelfs een, die in het gevecht daarmee zijn portofoon verloor. Als de dunne touwen eenmaal op de juiste plaats waren aangekomen, begon het gesjor om de zware trossen aan kant te krijgen waarbij er flinke tegenstand was te overwinnen van het snelstromende water. Ik vroeg mij af wat er zou kunnen gebeuren, als een van de vele bomen die in de rivier dreven, zo’n tros zou grijpen? Echter, de matrozen wonnen elke keer de strijd.

Ook bedacht ik er, dat mijn Noorse voorvader ooit met Hulkenpower tegen deze stroom heeft ingeroeid op een drakenboot. Dat was toch ook een hele onderneming in zo’n open boot zonder beschutting tegen kou en regen. En dan te bedenken dat zijn nageslacht zich niet eens met Rijnwater wil douchen. Pffff ‘watjesHulk’!

Tot slot zoek de verschillen?

Keulen bij nacht.

Zeist bij nacht.

Dom

Dom in Keulen. Duitsers besteden 1 miljoen euro per maand voor onderhoud aan deze kerk. Dom?

Plein bewaking kost €140.000 Er mogen geen mensen op dit plein lopen omdat dit het dak is van het ondergrondse concertgebouw. Lopende mensen verstoren hoorbaar de uitvoeringen. Dom?

Meeuwen sportschool. De dieren laten zich met de stoom meevoeren tot aan de brug en vliegen dan een eind stroomopwaarts en beginnen daar opnieuw. Duidelijke interval training. Dom?

De verstekeling

Het verhaal gebeurde op een bootje in de Rijn. Ik verveelde mij er dood en zocht avontuur. Ik deed er niet meer dan wat mantelzorg. Het stikte er namelijk van de oude bokken en geiten op dat schip, die steeds gehoorapparaten, stokken en kunstgebitten kwijtraakten. Dan zocht ik die dingen maar weer op en ik werd er steeds beter in. De gehoorapparaten vond ik vaak terug in de kerststukjes en de gebitten lagen meestal ergens op de vloer of dreven in de Rijn.

Op een avond speelde de muzikant opnieuw zijn saaie muziek riedeltjes af. En om toch maar iets van leven in de brouwerij te brengen trok ik zo’n oude geit op de dansvloer en zette de Belgische wals in. Nou, na een paar passen wist ik genoeg, ze kon er geen ene moer van, dus bulderde ik, “variéééé” en trok de volgende glunderde geit op de vloer. Maar echt, wat ik ook probeerde het lukte mij niet om een gezellige stemming te creëren want hup, daar gleed haar kunstgebit al over de dansvloer toen ik haar de mop van ‘snelle Henkie’ vertelde.

Kennen jullie die niet? Pffff nou, ga ik weer……! Snelle Henkie stond er om bekend de meisjes supersnel te bezwangeren. Toen snelle Henkie weer eens met een schone deerne over de dansvloer scheerde, vroeg hij haar om wat meer met haar benen wijd te dansen. Maar zei riep, “neen snoodaard, ik ken je reputatie, dan zit je er zo in”. Maar Henkie fluisterde in haar oor, “ik wil er graag uit?”

Toen ik een schip zag aanmeren naast de onze, zag ik mijn kans schoon om te ontsnappen aan de saaiheid rondom mij. Ik liep via de loopplank vanaf onze boot naar de andere toe. Al vlug zag ik dat de mensen daarop welzeker 50 jaar ouder waren dan bij ons op de boot, dus zonk de moed mij in de schoenen. Toch besloot ik nog wat verder op onderzoek uit te gaan wat helemaal fout bleek te zijn, want plotsklaps werd ik ontdekt als verstekeling. Wat ik daar toen allemaal meemaakte, kun je enkel over dromen. Dat heb ik dus gedaan en helaas voor de lezers van dit blog, ben ik deze droom vergeten.

Wolf in Karinthië

Lang geleden ergens vlakbij een groot meer in Oostenrijk wandelde ik met mijn vrouw in de bergen. Het regende er pijpenstelen toen wij ons hotel verlieten. Wij volgden een pad wat ons steeds hoger het gebergte in leidde. Plotseling ging de regen in sneeuw over en wij beiden genoten van de steeds wittere wereld rondom ons. Ook het ruisende geluid van de regen verdween met de komst van de sneeuw en een onwerkelijke bewonderingswaardige stilte viel om ons heen, die enkel licht werd verstoord door onze voetstappen in de sneeuw.

Plotseling stonden we stil omdat wij beiden gelijkertijd een ree ontwaardden die het pad waarop wij ons bevonden rustig overstak. Voordat het dier in het struikgewas verdween keek het ons nog even roerloos aan. Toen het uit ons gezichtsbeeld was verdwenen, keken wij elkaar glimlachend aan en begrepen zonder woorden het geluksmomentje van zo-even.

Hoger en hoger liepen wij op het pad, terwijl de sneeuw nu hoorbaar begon te kraken onder onze voeten. Om even op adem te komen van de klimpartij lasten wij regelmatig even een pauze in. Tijdens zo’n moment hoorden we beiden een lang klagend geluid klinken vanuit de verte, wat wij nog nooit ooit eerder hadden vernomen. We besteedden er weinig aandacht aan, ik zag enkel bij mijn vrouw een frons op haar gezicht. Wij liepen door en kwamen wat verder door een bocht en hoorden nu veel duidelijker opnieuw dat klagende geluid. “Het lijkt wel op het janken van een hond”, zei ik met een glimlach tegen mijn vrouw. “Ik hoop niet dat het de grote boze wolf is”, grapte zij terug terwijl wij licht hijgend doorliepen.

Opnieuw kwamen wij bij een bocht in het pad en ik ontwaardde uit mijn ooghoek links van mij wat hoger op de berg een beweging. Ik pakte mijn vrouw bij haar arm en fluisterde haar toe, “kijk daar links een wolf”. Stijf van schrik stonden wij doodstil en staarden naar het dier. De gelig ogende wolf had ons al gezien en kwam soepel en snel op ons toegelopen.

“Vluchten heeft geen zin”, riep ik mijn vrouw toe waarbij ik snel om mij heen keek op zoek naar een wapen. Ik ontwaardde een ondergesneeuwde tak die een paar meter van mij vandaan lag. Met enkele snelle sprongen was ik erbij en trok de tak uit de sneeuw. Draaide mij snel om en hief in die beweging de tak boven mijn hoofd.

De wolf was inmiddels vlakbij zijn bewegende doel gekomen en sprong voor de aanval op mij toe. Zijn opengesperde muil ging richting mijn keel. In paniek probeerde ik hem met de tak van mij af te slaan maar de wolf was sneller. Ik voelde zijn voorpoten op mijn borst en door de kracht van zijn sprong stortte ik achterover. Het enige geluk dat ik daarbij had was dat ik met mijn rug op de rand van het pad neerkwam en mijn hoofd in het luchtledige van het dal daarnaast knikte. Daardoor moest de wolf een tweede keer aanvallen, wat mij de gelegenheid gaf om in een panische verdedigingstegenaanval zijn beide oren vast te grijpen.

Ik besefte onmiddellijk dat deze greep voor even mij de gelegenheid gaf mijn doodstrijd een moment uit te stellen. Ik rook de vieze adem van het grommende beest boven mij die alsnog probeerde zijn tanden in mijn keel te zetten. Door de enorme kracht die het beest ontwikkelde verslapte mijn greep op zijn oren en in een plotselinge verandering van mijn greep drukte ik allebei mijn duimen in zijn grote gele ogen.

Het beest werd hierdoor volkomen verrast en ik voelde de kracht van zijn aanval verminderen. In een flits trok ik mijn knieën omhoog in een poging om het beest over mijn hoofd achter mij in het ravijn te werpen. Hiermee werd ik geholpen door mijn vrouw die de punt van haar paraplu tegen zijn achterste prikte in een poging het beest van mij af te krijgen. Mede door haar hulp kon ik mijn eerder bedachte plan ten uitvoer brengen en even later stortte het zware dier over mijn hoofd de diepte in.

Ik greep de paraplu vast die boven mij zweefde en mijn vrouw trok mij van de rand weg. Nadat ik mij moeizaam had opgericht en op handen en voeten in de sneeuw lag begon ik zo hevig te trillen, dat mijn vrouw mij moest helpen met opstaan. Daarna deed ik hevig trillend de eerste stappen op de terugweg waarna ik plotseling rechtop in mijn bed zat en wakker geworden buiten een wolf hoorde huilen.